• Laatste nieuws

  • BREAKING NEWS 2017

  • Ik zoek Contact

  • Zoekmachine

  • Malle Piet doet mee !

  • Acceptatie Talenten bij:

    Op onderstaande locaties worden Talenten als betaalmiddel geaccepteerd:

  • Producten

  • Purmerend

  • Provincie en stad

    Friesland
  • Holland

  • Acties in steden

  • Deelnemers

  • Muziek

  • Uw bankrekening

  • Bankrekening openen ?

Turkse analist: Erdogan verklaart de oorlog aan christenen

‘Islamist Erdogan heeft lang gekoesterde haat tegen het christendom’ – Veel christenen vanwege theorie van de pre-trib opname nog altijd blind voor de snelle opkomst van (de) ‘antichrist’

2016-11-14-20-19-20-erdogan-vervolging-christendom-01a

Recep Tayyip Erdogan (foto), de islamofascistische dictator die men in Brussel zo graag bij de EU wil hebben, heeft volgens een Turkse analist ‘een beest met een vreselijke kop ontketent’, en richt zijn pijlen nu op christenen. Scholieren in Turkije wordt onderwezen het Westen en met name christenen te haten. Een moslimterrorist die in 2013 in Syrië drie christenen onthoofdde, zal al volgend jaar door Turkije worden vrijgelaten, mogelijk omdat hij heeft samengewerkt met de Turkse inlichtingendienst. Onthoofding is één van de meest opvallende kenmerken van het in de Bijbel voorzegde ‘antichrist’ rijk dat in de laatste fase van de eindtijd massa’s christenen zal afslachten, voordat de hele wereld in de laatste verwoestende oorlog zal worden gestort.

‘’Het is duidelijk dat Erdogan een beest in Turkije heeft ontketent, dat nu zijn vreselijke kop opricht,’ schreef Abdullah Bozkurt in Turkish Minute (2). ‘De aanhoudende politieke spanning tussen Turkije en het Vaticaan, die al enige tijd onder de oppervlakte sluimert, wordt voornamelijk toegeschreven aan de lang gekoesterde haat en vijandschap van de xenofobisch islamistische club, die wordt geleid door top islamist Erdogan, tegen christenen in het algemeen en de Heilige Stoel in het bijzonder. Dit is de zoveelste onderbelichte ontwikkeling in Turkije die moet worden bestudeerd, geanalyseerd en goed in de gaten moet worden gehouden.’

‘Miljoenen mensen krijgen via zowel openbare scholen, de media, de door de staat gerunde moskeeën en de snel groeiende islamistische organisaties het wilde anti-christelijke en anti-Vaticaan verhaal voorgeschoteld,’ vervolgde Bozkurt. ‘Dit wordt ruim gefinancierd met staatsmiddelen die ter beschikking staan aan de islamistische heersers van Turkije.’ (1)

Als het omgekeerde het geval was geweest, een Westers land dat moslims vanwege hun geloof zou vervolgen, dan zouden de media er bol van staan en bijna alle politici er schande van spreken. Zo’n land zou zeker niet tot de EU worden toegelaten, en bovendien op sancties kunnen rekenen.

Blind voor de reeds aanwezige ‘antichrist’

Hoezeer dit de beangstigende opkomst van de in de Bijbel voorzegde ‘antichrist’ (Islam / Allah, wiens meest heilige getal niet bij toeval ‘666’ is) ook onderstreept, toch blijven veel christenen in het Westen er nog steeds blind voor, mede omdat ze nog altijd vasthouden aan een theorie die stelt dat ‘de antichrist’ een toekomstige wereldheerser is. In de loop der tijd zijn al talloze ‘antichrist’ kandidaten de revue gepasseerd: van George Bush, Tony Blair, Vladimir Putin tot Barack Hussein Obama, de paus, en nu al Donald Trump. Tot nu toe is van al dit soort voorspellingen niets uitgekomen.

Het eigenaardige is dat een aanzienlijk aantal Westerse christenen niets van zijn opkomst (willen) zien, hetzij omdat ze door een gebrek aan (Bijbel)kennis en door politiek-correcte propaganda zijn gaan geloven dat de Bijbelse God en Allah één en dezelfde zijn (niets staat verder van de waarheid af), hetzij omdat ze zich focussen op wat zij de ‘rapture’  noemen, waarmee doorgaans een opname in de hemel wordt bedoeld, waarna er 7 –volgens sommigen 3,5- jaar volgen waarin ‘de antichrist’ als wereldheerser op het toneel verschijnt – een theorie die door niet één letterlijke Bijbeltekst* wordt ondersteund.

Terugkeer van Jezus nog steeds tegengehouden

In de vaak aangehaalde tweede brief aan de Tessalonicenzen gaat Paulus in op de verwachting van de eerste christengemeenten dat de Wederkomst mogelijk al heel snel zou plaatsvinden:

‘Maar wij verzoeken u broeders, met betrekking tot de komst van onze Here Jezus Christus en onze vereniging met Hem (de opstanding/opname), dat gij niet spoedig uw bezinning verliest of in onrust verkeert… alsof de dag des Heren (reeds) aanbrak. Laat niemand u misleiden, op welke wijze ook, want eerst moet de afval (van het geloof) komen en de mens der wetteloosheid (= de wetteloze mens in het algemeen, als in de zin van ‘de mens zal niet leven bij brood alleen’) zich openbaren, de zoon des verderfs, de tegenstander, die zich verheft tegen al wat God of voorwerp van verering heet, zodat hij zich in de tempel Gods zet… ‘

De term ‘tempel Gods’ wordt door Paulus in zijn brieven uitsluitend gebruikt voor de Kerk, de Gemeente, en NIET voor een fysiek gebouw, immers: ‘De tempel Gods, dat zijt gij’ (1 Kor.3:17), en ‘Weet gij niet dat gij Gods tempel zijt’ (1 Kor.3:16), en ‘Welke gemeenschappelijke grond heeft de tempel Gods met afgoden? Wij toch zijn de tempel van de levende God’ (2 Kor.6:16).

‘… om aan zich te laten zien, dat hij een god is.’

= dat deel van de gelovigen in de eindtijd die zullen beweren als (een) god te zijn door de Bijbel deels te veranderen of te negeren, en/of te beweren dat wij christenen hier zijn voorbestemd voor geluk, succes, rijkdom, gezondheid en macht, dus onze eigen ‘god op Aarde’ kunnen zijn of worden. Paulus voorzegde dit reeds:

‘Daarentegen is diens komst (de komst van de wetteloze gelovige in de kerk) naar de werking des satans met allerlei krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen, en met allerlei verlokkende ongerechtigheid… En daarom zendt God hun een dwaling, die bewerkt, dat zij de leugen (van het ‘succesevangelie’) geloven…’ (2 Tess. 2: 9-11).

De volgende passage wordt door het pinksterchristendom totaal misverstaan. Men beweert dat Paulus hier uitlegt wat de komst van ‘de antichrist’ nog tegenhoudt. Ten eerste wordt de term ‘antichrist’ echter nergens in deze twee brieven genoemd (noch in Openbaring); ten tweede was dit niet de vraag van de gemeente in Tessalonica. De vraag was wat de komst van de Heer tegenhield, en dit naar aanleiding van het feit dat er gelovigen waren gestorven, en men mede daarom de stellige verwachting had dat Jezus toen al op het punt stond terug te keren. Paulus antwoord:

‘Gij weet thans wel wat hem (Jezus) weerhoudt, totdat hij zich openbaart op zijn tijd. Want het geheimenis der wetteloosheid is reeds in werking, slechts totdat hij die op het ogenblik (de komst van de Heer) nog weerhoudt, verwijderd is. Dan zal de wetteloze geopenbaard worden (als zijnde de wetteloze, de zondige, de ‘valse gelovige’ – dan zal voor iedereen duidelijk worden dat het succesevangelie een vals geloof was) en zal de Here hem doden door de adem zijns monds en machteloos maken door zijn verschijning, als Hij komt.’

De juiste volgorde is heel duidelijk:

1. Massale afval van het oorspronkelijke geloof, veroorzaakt door de komst van een christendom dat zich focust op ‘tekenen en wonderen’, op succes en (materiële) voorspoed;
2. De Kerk (de ‘tempel Gods’) wordt hierdoor grotendeels overgenomen door ‘de zondige mens’ die zichzelf daarmee tot norm (‘god’) verheft;
3. Pas als de afval van het geloof compleet is, volgt de Wederkomst met de eerste opstanding en (vrijwel) gelijktijdig de opname van het getrouwe deel van de Gemeente.

Opname pas na opstanding der doden

* De Bijbel heeft het weliswaar over een opname, maar die vindt pas na de opstanding der doden plaats:

‘… wij levenden, die achterblijven tot de komst des Heren, zullen in geen geval de ontslapenen voorgaan… en zij die in Christus gestorven zijn, zullen het eerst opstaan…’ (1 Tess. 4:15-17)

Dat dit gebeurt bij de tweede genoemde opstanding, blijkt uit:

(‘Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. Maar ieder in zijn eigen rangorde: Christus als eersteling (1e), vervolgens die van Christus zijn bij zijn komst (2e); daarna het einde, wanneer Hij het koningschap aan God de Vader overdraagt (3e),’ (1 Kort.15:22-24)

In totaal drie opstandingen, geen vier. De tweede en derde opstanding worden nader omschreven in Openbaring:

‘… en ik zag de zielen van hen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het woord van God, en die noch het beest(islam) noch zijn beeld (mogelijk de Mahdi, de islamitische messias, en/of de Ka’aba in Mekka) hadden aangebeden en die het merkteken (‘666’=Allah) niet op hun voorhoofd en op hun hand ontvangen hadden; en zij werden weder levend en heersten als koningen met Christus, duizend jaren lang. De overige doden werden niet weder levend, voordat de duizend jaren voleindigd waren. Dit is de eerste opstanding (na Christus, de eerste opstanding van gelovigen). Zalig en heilig is hij, die deel heeft aan de eersteopstanding: over hen heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen… met Hem als koningen heersen, (die) duizend jaren.’ (Opb.20:4-6)

Uit de ‘pre trib rapture’ theorie volgt dat deze ‘eerste opstanding’ van gelovigen eigenlijk de tweede is, omdat 1 Tess.4 en 1 Kor.15, waarin staat dat de levenden pas ná de eerste opstanding worden opgenomen, niet ontkend kan worden. Probleem is dat dit opsplitsen van de ‘eerste opstanding’ in twee gedeeltes door niet één letterlijke Bijbeltekst wordt ondersteund. Johannes zag (na Christus) slechts twee opstandingen, die bij de Wederkomst, en die na de 1000 jaren (het eindoordeel).

Het staat iedereen vrij te blijven geloven dat er ‘stiekem’ nóg een opstanding is, ondanks het feit dat die niet in de Bijbel is terug te vinden. Christenen die nog hopen op de ‘grote magische ontsnapping’ naar de hemel zouden zich eens in de inmiddels miljoenen vervolgde broeders en zusters in het Midden Oosten, Azië en (Noord) Afrika moeten verplaatsen. Zij maken reeds de gruwelijkste verdrukkingen en vervolgingen mee, en werden daar niet door middel van een ‘opname’ voor gespaard.

Verdrukking hoort bij het leven van de gelovigen

Eigenlijk zou dat geen Bijbelgetrouwe christen moeten bevreemden, want 36 van de 37 teksten in het Nieuwe Testament met het woord ‘verdrukking’ hebben betrekking op ‘verdrukking’ voor de gelovigen:

* ‘In de wereld lijdt gij verdrukking;’ (Joh.16:33)
* ‘… wij roemen in de verdrukkingen, daar wij weten dat de verdrukking volharding uitwerkt’ (Rom. 5:3)
* ‘… dat niemand zou wankelen onder deze verdrukkingen. Gij weet immers zelf, dat wij daartoe bestemd zijn’ (1 Tess. 3:3)
* ‘Weest blijde in de hoop, geduldig in de verdrukking, volhardend in het gebed’ (Rom. 12:12)
* ‘Dan zullen zij u overleveren aan verdrukking en zij zullen u doden, en gij zult door alle volken gehaat worden om mijns naams wil’ (Matt.24:9)
* ‘Want doordat zij beproefd zijn gebleken in veel verdrukking…’ (2 Kor. 8:2)
* ‘.. hetzij zelf een schouwspel van smaad en verdrukking, hetzij deelnemende aan het lot van hen, die in zulk een toestand verkeerden’ (Hebr. 10:33)
* ‘En hij zeide tot mij: Dezen zijn het, die komen uit de grote verdrukking, en zij hebben hun gewaden gewassen en wit gemaakt in het bloed des Lams.’ (Opb. 7:14)
* ‘Weest niet bevreesd voor hetgeen gij lijden zult…en gij zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees getrouw tot de dood en Ik zal u geven de kroon des levens.’ (Opb. 2:10)

Johannes schreef al in Openbaring 1 dat de verdrukking reeds was begonnen:

‘Ik Johannes, uw broeder en deelgenoot in de verdrukking…’ (1:9)

Niet één Bijbeltekst noemt letterlijk een aparte grote verdrukking die slechts 7 jaar duurt. (Grote) verdrukking heeft volgens al deze teksten overduidelijk betrekking op de algemene vervolging van christenen door de wereld (/ door Satan), en dat is beslist niet hetzelfde als de ‘toorn van God’, die aan het einde wordt uitgestort over degenen die deze verdrukking veroorzaakten en uitvoerden. Tot deze toorn zijn wij inderdaad ‘niet gesteld’ (1 Tess. 5:9). Dat deze ‘toorn’ hetzelfde zou zijn als ‘de 7 jaar durende grote verdrukking’ is dan ook een volledig uit de lucht gegrepen theorie.

‘Maar over de tijden en gelegenheden, broeders, is het niet nodig, dat u geschreven wordt: immers, gij weet zelf zeer goed, dat de dag des Heren zó komt, als een dief in de nacht. Terwijl zij zeggen: vrede en rust**, overkomt hun, als de weeën een zwangere vrouw, een plotseling verderf, en zij zullen geenszins ontkomen. Maar gij, broeders, zijt niet in de duisternis, zodat die dag u als een dief overvallen zou: want gij zijt allen kinderen des lichts en kinderen des dags. Wij behoren niet aan nacht of duisternis toe; laten wij dan ook niet slapen gelijk de anderen, doch wakker en nuchter zijn.’ (1 Tess.5:1-6

** (In o.a. de NBG is ‘het is (alles)’ toegevoegd, maar dit staat niet in de grondtekst. De toonaangevende KJV schrijft correct: ‘Want als zij (om) vrede en veiligheid zullen zeggen (a.h.w. hierom zullen roepen), overkomt hun plotselinge vernietiging’. Daarmee krijgt deze tekst zijn juiste betekenis.)

Kortom: alleen de wakkere gelovigen zullen klaar zijn voor de ‘dag des Heeren’ (die wordt beëindigd met de Wederkomst). Ze zullen er niet van worden uitgezonderd*** en er niet voortijdig van worden weggenomen (Jezus bad: ‘Ik bid niet dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor de boze’ – Joh.17:15), maar deze –in tegenstelling tot de ‘slapenden’ (zowel christenen als niet-christenen) wel zien aankomen, en er zich er geestelijk gereed voor hebben gemaakt.

Bewaard ‘te midden van’

*** Openbaring 3:10: ‘Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen’ is in tegenstelling tot wat ik zelf vroeger ook dacht geen bewijs van de pre-trib opname. In de Griekse grondtekst staat voor wat vertaald is met ‘bewaren voor’ de term ‘tereso ek’. ‘Ek’ kan met ‘van’, ‘uit’, ‘aan’ en ‘voor’ worden vertaald en is daarom niet bepalend, maar ‘tereso’ komt in slechts één andere tekst voor, te weten 2 Kor. 11:9:

… want wat mij ontbrak, hebben de broeders, die uit Macedonië kwamen, aangevuld en ik elk opzicht heb ik mij ervoor gewacht u tot last te zijn, en dit zal ik blijven doen.’

Uit de context blijkt dat voor de correcte uitleg van Openbaring 3:10 het volgende gelezen moet worden:

‘… zal ook Ik u blijven bewaren voor de ure der verzoeking…’ Met andere woorden: een bewaren ‘te midden van’, ‘tijdens’, waarbij ‘voor’ geen tijdsaanduiding is, maar een bestaande en aanhoudende toestand / situatie weergeeft, als in de zin van ‘(blijven) beschermen voor (/ tijdens) gevaar’.

Waarom nu?

Ik besef dat de boodschap dat er geen pre-trib opname komt bij veel christenen niet populair is (bedenk dat ik deze ‘rapture’ theorie in de eerste paar jaar van deze site nog fel verdedigd heb), maar het bericht dat de Turkse dictator Erdogan feitelijk de oorlog heeft verklaard aan het christendom onderstreept dat de wereld en ook de Kerk op de drempel staat van de allerlaatste fase van de eindtijd, waarin christenen wereldwijd massaal vanwege hun geloof zullen worden vervolgd.

Ik verwacht zeker niet dat u meteen overtuigd bent (dat was ik pas na enkele jaren intensieve studie, waarvan bovenstaande argumenten slechts een verre van volledige samenvatting zijn), maar hou er alstublieft in uw achterhoofd een klein beetje rekening mee dat de ‘grote ontsnapping’ waar sommigen van u al zo lang op hopen, er misschien niet gaat komen. Dan zal straks de klap van het moeten realiseren dat voorgangers en Bijbelleraars u jarenlang in een sprookje hebben laten geloven, mogelijk minder hard aankomen. In een tijd van grote verdrukking kan dat net het verschil zijn tussen geestelijk staande blijven of totaal instorten.

David D. Letterman

(1) Turkish Minute via Shoebat
(2) Xandernieuws